voetweg 61
Deze trage weg ontleent zijn naam aan de drie nabijgelegen beemden: Waterbempt (natte weide), Draybempt (droge weide) en Snorterbempt (grote weide). Deze beemden bevinden zich in de vallei van "De Witte Hoef", een deel van de vallei van de Raambeek. Voor de dorpsjongens had deze strook een speciale reputatie: het water en de modder waren hier zo diep dat ze het "Rotterik" noemden, omdat je er tot je knieën in het slijk kon zakken.
De lokale volksfiguur Zandjan (Jan van Loo) vertelde spannende verhalen over deze plek. Volgens hem was het niet alleen de modder waar je voor moest oppassen. Hij waarschuwde voor Kludde, een mythisch wezen dat op je rug sprong en je onder water duwde als je 's nachts door het gebied liep, vooral als je daar vis ging stropen. Zandjan beweerde dat er door de jaren heen honderden mensen waren verdronken door toedoen van Kludde. Hoewel dit verhaal natuurlijk een legende is, voegt het een mysterieus en spannend element toe aan de omgeving.
Ondanks deze oude verhalen is het landschap in de loop der jaren nauwelijks veranderd. De beemden hebben hun natuurlijke schoonheid behouden, hoewel de mechanisatie zijn intrede heeft gedaan. Waar vroeger de boer met de zeis het gras maaide, gebeurt dit nu met een tractor, maar de rust en de natuurlijke charme van de beemden zijn gebleven.
Deze weg staat al sinds de 19e eeuw op officiële kaarten en oude kadasterplannen.
